Menu

Het is razend druk op de praktijk als de secretaresse een telefoontje krijgt van meneer V. en dit telefoontje naar mij doorverbindt. “Anne Marieke, meneer V. wil graag een dokter spreken want hij heeft de onderste helft van zijn kunstgebit ingeslikt. Mag ik hem doorverbinden?” Verwonderd over wat er toch allemaal in deze praktijk gebeurt, neem ik de telefoon op. “Dokter, ik was juist mosselen met frieten aan het eten toen ik plots mijn kunstgebit heb ingeslikt! Ik vind het nergens terug, het moet wel in mijn maag zitten. Kan er snel iemand van jullie langskomen?”

Wanneer Emmanuella Van Paemel op 11 november 2011 wakker wordt, kan ze niet meer bewegen. Het is het begin van een lange zoektocht in de medische wereld. In haar boek ‘Tender loving care’ (TLC) beschrijft ze hoe ze haar leven terug in handen probeert te krijgen. Een fragment: Tot nader order ga ik gewoon verder met leven. De ene dag al wat beter dan de andere. Het ergste zijn niet de fysieke ongemakken, al zijn die er nog altijd. Het ergste is die verwarring, ik weet niet hoe ik het anders moet uitdrukken.

Een jonge dame met exotische achternaam staat bij mij op de agenda. Het is haar eerste consultatie in deze praktijk en dus is er nog niets bekend over haar voorgeschiedenis.

Ik droom die nacht van mama. Dat ze doodgaat. Ze ligt in het ziekenhuis in een bed. Met allemaal slangen. Er piepen apparaten om haar heen. Ik sta naast het bed en fluister: ‘Mama, mama…’ Ze zegt niets terug. Ze lacht wel heel mooi. En ik kan haar aaien.

Ik heb geen angststoornis, ik ben niet geplaagd door ervaringen uit het verleden en ik voel me in een goede fysieke en mentale gezondheid. Maar toch bekruipt me tijdens een wachtdienst af en toe een gevoel van onbehagen. Ain't no angel gonna greet me, it's just you and I, my friend. (Bruce Springsteen)

Helena wordt dit gezegende jaar 100 jaar, een eeuweling, stel je voor. Veerkracht zoals dit nu heet, was de kleine Polonaise niet vreemd, zoals ze in het dorp genoemd wordt. Ze wroette zich een weg door het leven met haar glimlach, liedjes in het Pools en hard werken op de grond.

Martine hoorde bij de praktijk als Big Ben bij Londen, zij het iets minder klokvast. Ik kan me niet herinneren dat ze er ooit niet was, zelfs niet toen ze voor een andere huisarts in het dorp werkte. Niet dat ze een gezondheidsfanaticus was, absoluut niet. Martine heeft een beetje suiker, ze had ook zwangerschapsdiabetes bij haar twee zwangerschappen, drie eigenlijk maar het eerste kindje verloor ze. Dat was in de tijd dat zwangerschapsdiabetes nog echt ernstig was, nu moet je al ferme mazzel hebben als je niet zoet zwanger bent, een mens zou er bitter van worden.

Ik leerde Vasco da Gama Movement (VdGM) kennen via Jong Domus: een piepjonge organisatie voor en door haio's en jonge huisartsen in Vlaanderen. Hun Vasco da Gama-virus bleek al snel uiterst besmettelijk: na enkele maanden zat ik dol- enthousiast op een vlucht naar Jeruzalem om daar andere jonge huisartsen te ontmoeten.

Veel meer dan dat is het niet: enkele ampullen deskundig intraveneus toegediend en weg is het leven, stopt het hart, verwijdt de pupil, verslapt de spiertonus en begint het rouwproces van de familie. Het lijkt een vrij mooie maartse dag te worden. Onverwacht goed uitgeslapen, sta ik vroeg op en begin aan het ritueel van de gifmenger, of nog: de mise en place van de uitvoerder. Dormicum® 5 ml, 10 ml spoelmiddel, vijfmaal 20 ml Diprivan® en tweemaal 20 ml Mivacron®. Voldoende vleugelnaalden voorzien, want ze 'heeft geen aders', wat me de laatste dagen behoorlijk zenuwachtig maakt. Stel dat ik...

Het lukt hem niet, het knoopje van zijn rechtermanchet los te maken. Niet makkelijk, zo zonder duim, nu al twaalf jaar na de feiten. Het schuldgevoel huist nog steeds in mij, omdat ik het vroeger had moeten ontdekken, denk ik dan, misschien. Ik help hem dan maar uit de nood, want ik beschik nog over beide.